De steun die ING in 2008 en 2009 van de Nederlandse overheid kreeg, was niet in strijd met de Europese staatssteunregels.

Dat heeft het Europese Hof van Justitie in Luxemburg beslist, in een hoger beroep dat door de Europese Commissie tegen een eerdere uitspraak van het Hof was ingediend.

De gewijzigde terugbetalingsregeling waar de Commissie bezwaar tegen had gemaakt, en die ING een voordeel van 2 miljard euro opleverde, vormde geen ongeoorloofde staatssteun, oordeelt het Hof.

Rentepercentage verlaagd

ING kreeg in 2008 voor 10 miljard euro staatssteun, toen het door de bankencrisis in moeilijkheden kwam. De Europese Commissie ging toen voorlopig akkoord, op voorwaarde dat ING een herstructureringsplan zou indienen.

Dat gebeurde een jaar later, maar daarin werd tevens het in 2008 afgesproken rentepercentage dat ING moest betalen verlaagd. Volgens Brussel leverde dat ING een extra staatssteun van 2 miljard euro op.

Economische rationaliteit

De Commissie maakte daar bezwaar tegen omdat ING zo'n gunstiger percentage nooit op de vrije kapitaalmarkt gekregen zou hebben. Het Hof verwierp die redenering vorig jaar al, en doet dat nu opnieuw.

Het stelt dat de gewijzigde voorwaarden aan de 'economische rationaliteit' voldoen. Een particuliere investeerder zou hetzelfde hebben kunnen bieden, omdat daardoor de vooruitzichten dat hij zijn geld terugkrijgt, zouden toenemen.

Dit artikel is oorspronkelijk verschenen op z24.nl